4.2 Het volgen van de ontwikkeling van de leerlingen
Van iedere leerling wordt na aanmelding een leerlingdossier aangelegd. Daarin worden persoonlijke gegevens, verslagen van leerlingbesprekingen, gesprekken met ouders, handelingsplannen en toetsgegevens bewaard. De mappen worden beheerd door de groepsleerkrachten. Leerlinggegevens zijn privacygevoelig en worden dan ook achter slot en grendel bewaard. Natuurlijk zijn ze op aanvraag wel in te zien door de ouders.
Het dagelijks werk van leerlingen
Op onze school volgen wij het werken van de leerlingen op vele manieren. We lopen rondes in de groep, observeren, stellen vragen, controleren het werk en geven leerlingen feedback. De leerlingen maken bij de taal- en reken/wiskunde vakken aan het eind van een blok of hoofdstuk een methodegebonden toets, die de leerkracht zorgvuldig nakijkt en die haar inzicht geeft of de leerling de aangeboden leerstof daadwerkelijk beheerst. Vanuit de toets wordt besloten of de leerling herhalings- of verrijkingsstof krijgt en of de leerling extra instructie nodig heeft.
Het dagelijks werk van leerlingen wordt gedeeltelijk door de leerkracht gecorrigeerd en van commentaar voorzien. In groep 3 wordt een begin gemaakt met het zelf leren nakijken van het werk door de leerlingen. Op deze wijze zien leerlingen direct hun eigen resultaten en voelen zich daar ook meer verantwoordelijk voor. Het corrigeren door de leerlingen wordt steeds verder uitgebreid naar de bovenbouw.
Een gedeelte van het werk, vooral in de onderbouw, wordt direct mee naar huis gegeven. De leerlingen krijgen ook schrijfschriften, werkstukken en dergelijke mee naar huis.
De leerlingen in groep 1/2 en 3/4 bouwen een eigen portfolio op, waarbij typerend werk door de leerling zelf wordt verzameld. De leerkracht helpt hierbij. Hierdoor kunt u aan de hand van oorspronkelijk werk de ontwikkeling volgen van uw kind in de eerste jaren van de basisschool.
Leerlingvolgsysteem
In de loop van het jaar wordt de leerling door middel van observaties en toetsen gevolgd. Daarnaast worden in de groepen 1 t/m 7 twee keer per jaar methode-onafhankelijke toetsen afgenomen, waarbij een vergelijking met een landelijke norm mogelijk is. Daar worden de Cito-toetsen voor gebruikt. In groep 7 wordt tot nu toe de Cito-entreetoets gedaan, in de tweede helft van het schooljaar.
We gebruiken in groep 3 t/m 8 de toetsen voor rekenen/wiskunde, lezen, spelling en begrijpend lezen. In groep 1/2 wordt het voorbereidend rekenen en de taal getoetst. De uitslagen van die toetsen geven ons redelijk objectieve gegevens over de leerprestaties van uw zoon of dochter. De verrichtingen van iedere leerling en de groep kunnen zodoende op langere termijn worden gevolgd. Een dergelijk systeem noemen we het leerlingvolgsysteem.
In het schooljaar 2010 – 2011 is Schooltijbreed het LOVS van Cito aangeschaft en ingevoerd. De eerste toetsresultaten van januari en juni zijn ingevoerd. Met de resultaten van de voorgaande jaren kunnen wij de ontwikkeling van uw zoon/dochter volgen.
Zowel de groeps- als individuele resultaten worden in leerlingbesprekingen aan de orde gesteld. Aan de hand van de resultaten van deze methode onafhankelijke- en methode gebonden toetsen, observatiegegevens en ervaringen van de leerkracht, wordt er gekeken waar bijstelling van het onderwijsaanbod voor uw zoon of dochter gewenst is.
Tevens worden de uitkomsten gebruikt om ons onderwijs te evalueren. Zo kunnen we ons totale onderwijsaanbod, indien nodig bijstellen.
In de groepen 1/2 worden de ontwikkelingen van de leerlingen ook bijgehouden op basis van het Ontwikkelvolgmodel voor Jonge Kinderen. Hierin staan zowel de cognitieve als sociaal-emotionele aspecten.
In de groepen 3 t/m 8 wordt gebruik gemaakt van het Ontwikkelvolgmodel om de ontwikkeling van de sociaal emotionele aspecten van uw zoon of dochter te volgen en vast te leggen.
Verslaggeving door de groepsleerkracht
Tweemaal per jaar (januari en juni) wordt door de leerkrachten op basis van de observatie- en toetsgegevens een rapport gemaakt over de vorderingen en ontwikkeling van iedere leerling. Dit rapport wordt met de ouders besproken. Tevens wordt aan dit rapport een tekening en verhaaltje van de leerling toegevoegd.
In groep 1/2 dienen de gegevens vanuit het Ontwikkelvolgmodel voor Jonge Kinderen, de gegevens vanuit de Cito, samen met de ervaringen van de leerkracht als basis om het rapport van de leerling in te vullen.
In de groepen 3 t/m 8 worden de toetsresultaten van methodegebonden- en Cito-toetsen en de ervaringen en observaties van de leerkrachten gebruikt voor het invullen van de rapporten.
In groep 8 speelt naast het rapport de advisering voor het vervolgonderwijs een belangrijke rol. Een verslag van het adviesgesprek wordt door de ouders ondertekend en toegevoegd aan het dossier van uw zoon of dochter.
Mocht er tussentijds behoefte zijn aan een voortgangsgesprek over uw kind, dan kunt u natuurlijk altijd met de groepsleerkracht een afspraak maken.
Voorafgaand aan de rapportgesprekken worden er kijkmiddagen georganiseerd in alle groepen. Dan kunnen de leerlingen hun recente werk aan hun ouders laten zien.